Partnerpensioen

Uw gemaakte keuze is:

U bent geboren vóór 1950 én bouwde in december 2005 pensioen op.
Pas hier uw keuze aan

Als u overlijdt terwijl u pensioen opbouwt bij ons, kan uw partner recht hebben op Partnerpensioen.

Lees meer over het Partnerpensioen

Wie is een partner?

Voor ons is een partner iemand met wie u:
  • Bent getrouwd of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan, óf
  • samenwoont op basis van een notariële samenlevingsovereenkomst

Als u getrouwd bent of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan, is dit bekend bij de burgerlijke stand. De gemeente geeft dit aan ons door. Als u in het buitenland woont moet u dit zelf doorgeven.

Als u officieel samenwoont, meld dan zelf uw partner bij ons aan.

Zelf partner aanmelden bij samenwonen

Als u officieel samenwoont, meldt u uw partner aan. U doet dit met het formulier Melding Partnerpensioen voor ongehuwd samenwonenden. U vult dit in en ondertekent het. Samen met een kopie van de notariële samenlevingsovereenkomst stuurt u het formulier naar ons op. Bouwt uw partner ook pensioen bij ons op? Dan is één formulier voldoende.

In de notariële samenlevingsovereenkomst moet vermeld zijn dat er sprake is van:

  • samenwonen op één adres, én
  • een gemeenschappelijke huishouding, én
  • twee ongehuwde partners

Ook staat er in wanneer u en uw partner zijn gaan samenwonen. De overeenkomst is ondertekend door u, uw partner en de notaris.

Partnerpensioen regeling

Het Partnerpensioen is vanaf 1999 verzekerd op risicobasis. Dit betekent dat uw partner bij uw overlijden alléén is verzekerd voor Partnerpensioen zolang u pensioen opbouwt. Bouwt u dus geen pensioen meer op? Bijvoorbeeld omdat u met pensioen gaat of buiten de sector zorg en welzijn gaat werken. Dan is uw partner bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn niet meer verzekerd voor Partnerpensioen. Maar daarvoor is wel iets geregeld:

1. Heeft u vóór 1999 pensioen opgebouwd bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn? 
U heeft ook Partnerpensioen opgebouwd. Uw partner heeft na uw overlijden altijd recht op dit opgebouwde Partnerpensioen.  

2. Wordt u ontslagen of gaat u met onbetaald verlof? 
Uw partner heeft onder bepaalde voorwaarden recht op Partnerpensioen. Bij gedwongen ontslag geldt dit bijvoorbeeld zolang u een loongerelateerde WW-uitkering ontvangt.

3. Maakt u gebruik van FLEX-pensioen?
Als u gebruikmaakt van FLEX-pensioen is uw partner onder bepaalde voorwaarden tot uw 65ste verzekerd voor Partnerpensioen.

4. Gaat u met pensioen en stopt u met werken?
Als u met pensioen gaat en stopt met werken, kunt u er voor kiezen een deel van uw eigen Ouderdomspensioen te ruilen voor meer Partnerpensioen voor uw partner.

Wordt er geen premie betaald, omdat u bent ontslagen of met onbetaald verlof bent?
Dan heeft uw partner onder bepaalde voorwaarden wel recht op een volledig Partnerpensioen.


 

Uw partner ontvangt Partnerpensioen en begint een nieuwe relatie

Na uw overlijden ontvangt uw partner Partnerpensioen zolang hij of zij leeft. Hoe hoog het Partnerpensioen is, hangt af van:
• Hoeveel jaren u pensioen bij het pensioenfonds heeft opgebouwd
• het salaris dat u in die jaren heeft verdiend
• de eventuele nabestaandenuitkering van de overheid, ook wel Anw-uitkering

In principe ontvangt uw partner elke maand hetzelfde bedrag aan Partnerpensioen. De hoogte van het Partnerpensioen kan wijzigen als:
• uw partner een nieuwe relatie begint
• de Anw-uitkering van uw partner wijzigt
• uw partner een AOW-uitkering ontvangt
• uw jongste kind 18 jaar wordt

Weg bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn

Als u buiten de sector zorg en welzijn gaat werken, bouwt u geen pensioen meer op bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn. Als u dan overlijdt, bent u niet langer verzekerd voor Partnerpensioen. Uw partner komt in principe dus niet in aanmerking voor Partnerpensioen. U kunt daar iets aan doen. Als u de sector zorg en welzijn verlaat, kunt u er voor kiezen om een deel van uw Ouderdomspensioen te ruilen voor Partnerpensioen voor uw partner.

Bouwde u vóór 1999 pensioen op bij ons?
Alleen als u vóór 1999 pensioen opbouwde bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn en u uw pensioen niet heeft meegenomen naar een nieuwe pensioenverzekeraar, komt uw partner nog in aanmerking voor Partnerpensioen. Hoeveel hangt af van het aantal jaren dat u voor 1999 pensioen heeft opgebouwd bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn.

Heeft u uw opgebouwde pensioen via waardeoverdracht meegenomen naar uw nieuwe pensioenverzekeraar?
Wanneer u vóór 1 januari 1999 uw opgebouwde pensioen via waardeoverdracht heeft meegenomen naar uw nieuwe pensioenverzekeraar, komt uw partner niet in aanmerking voor Partnerpensioen. Het deel van het Partnerpensioen dat voor een eventuele ex-partner is gereserveerd, blijft echter staan bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn.

Gaat u met pensioen?
Heeft u uw pensioen niet meegenomen naar uw nieuwe pensioenverzekeraar, maar bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn laten staan? Dan kunt u als u met pensioen gaat een deel van uw eigen Ouderdomspensioen ruilen voor Partnerpensioen voor uw partner.

Onbetaald verlof

Als u met onbetaald verlof gaat, heeft dat geen gevolgen voor uw gezin. Als u onbetaald verlof heeft, bouwt u geen pensioen op, maar u blijft - onder voorwaarden - verzekerd voor de gevolgen van arbeidsongeschiktheid en overlijden. Dat betekent dat u recht blijft houden op Arbeidsongeschiktheidspensioen als u tijdens uw verlof arbeidsongeschikt wordt. En mocht u tijdens uw verlof overlijden, dan blijven uw partner en kinderen in aanmerking komen voor Partner- en Wezenpensioen.

U kunt zich hiervoor aanmelden via het formulier Melding Bescherming bij verlof en werkloosheid.

Vrijwillig voortzetten
Wilt u ook dat uw pensioenopbouw blijft doorgaan? Dan kunt u uw pensioenopbouw zelf vrijwillig voortzetten. U betaalt dan de hele pensioenpremie zelf. Normaal betaalt uw werkgever ook een deel. In sommige CAO’s en arbeidsovereenkomsten is geregeld dat de werkgever bij uw verlof een deel van de pensioepremie betaalt. Informeer hiernaar bij uw werkgever.

Gedeeltelijk met onbetaald verlof

Gaat u gedeeltelijk met onbetaald verlof? Dan blijft u gedeeltelijk pensioen opbouwen. Het andere deel kunt u zelf vrijwillig voortzetten. Betaalt u de pensioenpremie zelf? Informeer dan bij de Belastingdienst of u de premie met uw Inkomstenbelasting kunt verrekenen.

Een ex-partner

Alleen als u een (of meer) ex-partner(s) heeft uit een eerder huwelijk, notarieel vastgelegde samenleving of geregistreerd partnerschap, is er sprake van een ex-partner. Uw huidige partner moet na uw overlijden het Partnerpensioen met deze ex-partner(s) delen. Behalve als u hierover andere afspraken heeft gemaakt met uw ex- partner(s). Elders op onze site leest u hier meer over.

Bouwde u vóór 1 januari 1999 pensioen op bij ons?
Uw ex-partner kan recht hebben op een deel van het Partnerpensioen (Bijzonder Partnerpensioen) als u vóór 1 januari 1999 pensioen bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn opbouwde tijdens uw relatie. Het gaat dan om het Partnerpensioen dat u bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn tijdens uw relatie heeft opgebouwd tot uiterlijk 1 januari 1999.

Bouwde u na 1 januari 1999 pensioen op bij ons?
Over de jaren na 1 januari 1999 heeft uw ex-partner in principe géén recht op Bijzonder Partnerpensioen. Behalve als u nog tijdens uw relatie een deel van uw Ouderdomspensioen hebt ingeruild voor Partnerpensioen. Dan heeft uw ex-partner ook recht op Bijzonder Partnerpensioen over de jaren na 1 januari 1999 tot het einde van uw relatie.

Afstand doen van Bijzonder Partnerpensioen

Uw ex-partner kan afstand doen van het Bijzonder Partnerpensioen. U kunt dit regelen in uw echtscheidingsconvenant of op een later tijdstip. U ontvangt in dat laatste geval een overeenkomst die zowel door u als uw ex-partner moet worden ondertekend. De wet schrijft voor dat Pensioenfonds Zorg en Welzijn akkoord gaat met deze afstandsverklaring.
 
U kunt al bij het begin van uw relatie regelen dat uw partner afziet een (eventueel) Bijzonder Partnerpensioen. Dit kunt u laten opnemen in de huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden. Als uw ex-partner afstand heeft gedaan van zijn/haar recht op Bijzonder Partnerpensioen, komt dit vervolgens toe aan uw eventuele nieuwe partner.

Ook binnen drie maanden na uw overlijden kan uw ex-partner het Bijzonder Partnerpensioen overdragen aan uw huidige partner of een andere ex-partner. Zij moeten dit samen via een notaris regelen.