Voor medewerkers geboren vóór 1950
Vanaf 1 januari 1999 is de partner van uw medewerker verzekerd voor Partnerpensioen, zolang uw medewerker deelneemt in de pensioenregeling. Als uw medewerker de sector verlaat of met pensioen gaat, is de partner in principe niet meer verzekerd voor Partnerpensioen als uw medewerker komt te overlijden. Het Partnerpensioen is met andere woorden verzekerd op risicobasis.
Verlaat uw medewerker de sector zorg en welzijn?
Dan moet hij kiezen of hij een deel van zijn Ouderdomspensioen wil ruilen voor Partnerpensioen. Ook direct vóór de ingangsdatum van zijn pensioen kan uw medewerker er voor kiezen zijn partner tijdens zijn pensioen te verzekeren voor Partnerpensioen. Dit kan door een deel van het Ouderdomspensioen dat uw medewerker vanaf 1 januari 1999 heeft opgebouwd te ruilen voor een Partnerpensioen vanaf de ingang van het pensioen. Voor uw medewerker met pensioen gaat, sturen wij daarvoor een offerte toe op grond waarvan hij kan beslissen of hij Ouderdomspensioen wenst te ruilen voor een Partnerpensioen. Op de beslissing die uw medewerker dan neemt, kan hij later niet terugkomen.
Voor medewerkers geboren in of ná 1950
Voor medewerkers geboren in of ná 1950 geldt dat vanaf 1 januari 2006 het Partnerpensioen voor de helft blijft verzekerd op risicobasis. De andere helft van het Partnerpensioen wordt opgebouwd. De partner heeft na pensionering van uw medewerker of zijn vertrek uit de sector zorg en welzijn altijd recht op het opgebouwde deel.
Wil uw medewerker zijn partner tijdens zijn pensioen volledig verzekeren voor Partnerpensioen, of wil hij een hoger Partnerpensioen voor zijn partner als hij de sector verlaat?
Dan kan hij als hij met pensioen gaat of de sector verlaat een deel van zijn Ouderdomspensioen ruilen voor Partnerpensioen. Heeft uw medewerker geen partner? Of heeft de partner voldoende eigen inkomen? Dan kan uw medewerker het opgebouwde Partnerpensioen inruilen voor een hoger Ouderdomspensioen.
Ga naar de sitemap