Onze cookies helpen

Wij helpen u graag met uw pensioen. Met cookies kunnen wij dat nog beter doen door de website voor u persoonlijk in te richten. Daarmee vindt u sneller wat u zoekt. Wilt u dat?

Leg me meer uit

De overledene was met pensioen, heeft een partner en één of meer kinderen die jonger zijn dan 21 jaar

Wanneer een dierbare overlijdt, komt er veel op u af. Naast het verdriet moeten er ook zaken geregeld worden. Daarmee proberen we u zo goed mogelijk te helpen. Hieronder leest u wat er in uw situatie geldt en wat u nog moet doen.

Moet ik het overlijden zelf doorgeven aan PFZW?

De overledene woonde in Nederland

U hoeft het overlijden niet door te geven als de overledene in Nederland woonde. Wij ontvangen dit bericht automatisch van de gemeente.

De overledene woonde in het buitenland

Als de overledene in het buitenland woonde dan hebben wij een kopie van de overlijdensakte nodig. Stuur de kopie op naar onderstaand adres:
Pensioenfonds Zorg en Welzijn
Postbus 117
3700 AC Zeist

Wat is er geregeld voor de partner?

De partner van de overledene kan in aanmerking komen voor partnerpensioen van PFZW als:

  1. De overledene en de partner waren getrouwd, hadden een geregistreerd partnerschap of een notariële samenlevingsovereenkomst.
  2. De relatie startte op het moment dat de overledene nog pensioen opbouwde bij PFZW.

Let op: Is de overledene getrouwd, gaan samenwonen of een geregistreerd partnerschap aangegaan na de AOW-leeftijd? Dan is er ook geen partnerpensioen opgebouwd. De partner heeft dan geen recht op partnerpensioen. De partner heeft misschien wel andere rechten. Neem hierover contact op met de klantenservice.

Partnerpensioen aanvragen

Zodra het overlijden bij PFZW bekend is, ontvangt de partner automatisch een aanvraagformulier voor partnerpensioen. Wij hebben bijvoorbeeld het rekeningnummer nodig om het pensioen over te maken. Dit regelt de partner via de aanvraag. Het partnerpensioen gaat in op de 1e dag van de maand na het overlijden en wordt overgemaakt totdat de partner zelf overlijdt. Er is nog een aantal voorwaarden, die kunt u nalezen in ons pensioenreglement.

Wat is er geregeld voor de kinderen?

Wezenpensioen

Als de overledene niet alleen kinderen, maar ook een partner of ex-partner achterlaat, worden de kinderen gezien als 'halve wezen'. Ieder kind krijgt dan een uitkering van ongeveer 0,25% van het salaris, min de AOW-franchise, voor ieder jaar dat de overledene bij ons pensioen opbouwde. Laat de overledene meer dan 5 kinderen achter? Dan wordt het pensioen dat zij elk ontvangen iets lager. Het totaalbedrag van de 5 kinderen wordt dan verdeeld over alle kinderen.

Wezenpensioen aanvragen

PFZW krijgt van de gemeente door of de overledene kinderen heeft met recht op wezenpensioen. Nabestaanden ontvangen daarna snel een aanvraagformulier voor het wezenpensioen.

Voor kinderen onder de 18 jaar moet extra getekend worden. Dit mag gedaan worden door:

  • Een voogd: hier is een voogdijverklaring bij nodig.
  • Een ouder: in de meeste gevallen hebben wij dan een kopie van een identiteitsbewijs met handtekening van de ouder nodig. Is de ouder die tekent de vader, dan hebben we in sommige situaties een uittreksel uit het gezagsregister nodig.

Zodra de kinderen 18 jaar worden, ontvangen zij een brief van PFZW waarin ze worden gewezen op hun recht op wezenpensioen.

Wat wordt er nog meer geregeld?

1. Uitkering ineens

Deze eenmalige uitkering wordt na het overlijden uitbetaald, als de overledene ouderdomspensioen, Flexpensioen of arbeidsongeschiktheidspensioen ontving. Het bedrag wordt overgemaakt aan de huidige partner. Blijft er geen partner achter? Dan wordt het uitbetaald aan de kinderen onder de 21 jaar.

De uitkering bestaat uit:

  • 3x het brutomaandbedrag van de uitkering bij ouderdoms- of Flexpensioen
  • 2x het brutomaandbedrag van de uitkering bij arbeidsongeschikheidspensioen

Op deze uitkering wordt geen loonheffing ingehouden. Het nettobedrag is gelijk aan het brutobedrag.

2. Vakantiegeld

Als er nog vakantiegeld is gereserveerd, ontvangt u dit een maand na het overlijden op de bankrekening waarop het pensioen werd gestort.

3. Jaaropgave

Wij leggen een overlijden vast in onze systemen. Na 2 tot 3 maanden wordt er de jaaropgave verstuurd. In januari van het volgende jaar wordt dan geen jaaropgave meer aangemaakt.