Onze cookies helpen

Wij helpen u graag met uw pensioen. Met cookies kunnen wij dat nog beter doen door de website voor u persoonlijk in te richten. Daarmee vindt u sneller wat u zoekt. Wilt u dat?

Leg me meer uit

Statuten en reglementen


​Hier vindt u de meest actuele versie en het archief (vanaf 2000) van statuten en reglementen van PFZW.

Veranderingen in de pensioenregeling 2021

Met ingang van 1 januari 2021 is het pensioenreglement op een aantal punten inhoudelijk gewijzigd. In het reglement worden deze punten benoemd zonder verdere toelichting. Hieronder vindt u deze toelichting. 

- De tijdelijke aanpassing van het begrip ‘Pensioenleeftijd’ is vervallen vanwege de totstandkoming van het pensioenakkoord
In de pensioenregeling van PFZW is de pensioenleeftijd gekoppeld aan de AOW-leeftijd. Voor 2025 gold een AOW-leeftijd van 67 jaar en 3 maanden.

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zegde in 2019 toe dat met de uitwerking van het pensioenakkoord, de AOW-leeftijd voor 2025 wordt vastgesteld op 67 jaar. Na 2025 zou de AOW-leeftijd worden gekoppeld aan de levensverwachting. Daarom besloot het bestuur in het najaar van 2019 om voor 2025 alvast uit te gaan van een AOW-leeftijd van 67 jaar. Formeel was deze nog 67 jaar en 3 maanden.

Deze leeftijd van 67 jaar was al in de media gecommuniceerd. Het bestuur wilde  verwarring voor deelnemers voorkomen en de uitvoering niet onnodig ingewikkeld maken en de pensioenleeftijd laten aansluiten bij de toezegging van de minister.

Om dit mogelijk te maken moest artikel 1.2 van het pensioenreglement voor 2020 tijdelijk worden aangepast. Door het tot stand komen van het pensioenakkoord vervalt deze aanpassing.

- De rente op de rekening van gemoedsbezwaarden bedraagt minimaal 0%
Er zijn mensen met principiële bezwaren tegen verzekeringen, ook pensioen, op grond van hun levensbeschouwing. De Nederlandse wetgever houdt daar rekening mee en kan vrijstelling geven voor verplichte verzekeringen. De groep waar het om gaat staat bekend als "gemoedsbezwaarden".

PFZW heeft een groep deelnemers met gemoedsbezwaren. Zij zijn vrijgesteld van de verplichting om pensioen op te bouwen. Zij betalen samen met hun werkgever wel pensioenpremie. Die premie zet PFZW als spaarbijdrage op een interne spaarrekening die op naam staat van de gemoedsbezwaarde. Over de spaarbijdrage wordt een rente vergoed. Per 1 januari 2019 is de maatstaf voor de rentevergoeding de hoogste rente uit de ‘Top tien rentes op spaarrekeningen’.

Er is nu sprake van zeer lage en zelfs negatieve rentes. Als zelfs de hoogste rente een negatieve rente is, zou dat spaarbedrag lager worden. Dat is niet de bedoeling. Daarom is in het reglement opgenomen dat de rente op de rekening van gemoedsbezwaarden minimaal 0% bedraagt. En er niet gewerkt wordt met een negatieve rente.

- De premieopslag bij verlagen vervalt en de herstelopslag van 2% bovenop de basispremie is structureel geworden
PFZW streeft naar een dekkingsgraad die hoog genoeg is om de pensioenen volledig te kunnen verhogen (indexeren). Om de dekkingsgraad te verhogen, is er op dit moment bovenop de basispremie een tijdelijke herstelopslag opgenomen van 2%. Het bestuur heeft op 6 november 2020 besloten om deze herstelopslag niet meer tijdelijk te laten zijn maar structureel te maken voor de premie van het ouderdomspensioen. 

Daarnaast is besloten om geen extra premieopslag meer door te voeren als in de toekomst de pensioenen moeten worden verlaagd.