Wanneer u pensioen ontvangt, krijgt u te maken met een andere manier van belasting betalen. Het is goed om hierbij stil te staan, zodat u weet wat u kunt verwachten.
Bent u op zoek naar informatie over de jaarlijkse belastingaangifte?
In 2026 blijft uw bruto pensioen gelijk. Het netto pensioen is in 2026 over het algemeen hoger dan in 2025. Maar sommige netto pensioenen vallen lager uit. Dit geldt voor u als u:
Als (een van) deze voorwaarden voor u niet gelden, blijft uw netto pensioen gelijk of wordt dus hoger.
De loonheffingskorting die u via PFZW op uw pensioen laat toepassen, is helaas lager geworden. Dit komt doordat de algemene heffingskorting voor u lager is dan afgelopen jaar. Hierdoor ontvangt u netto minder pensioen. Dit is alleen zo als voor u de 3 hierboven genoemde voorwaarden gelden.
Dit is een korting die u krijgt op de loonbelasting en premie volksverzekeringen. U betaalt dus minder belasting als u de loonheffingskorting laat toepassen. Wilt u meer weten over de aangepaste heffingskortingen of de veranderde belastingtarieven? Kijk dan op de site van de Belastingdienst voor meer informatie.
Als u (gedeeltelijk) stopt met werken, verandert mogelijk uw inkomstenbelasting. U heeft dan een aangepast belastingtarief en andere heffingskortingen.
Als u pensioen én AOW ontvangt, krijgt u door 2 verschillende instanties uitbetaald. Dit is ook het geval als u minder bent gaan werken door deels vervroegd pensioen op te nemen, dan krijgt u uitbetaald door uw werkgever én uw pensioenuitvoerder. Ontvangt u pensioen van meerdere pensioenfondsen, dan zijn dat ook weer allemaal verschillende instanties die u betalen.
De meeste instanties houden automatisch rekening met de laagste belastingschijf. Maar als u al uw inkomens bij elkaar optelt, kan het zijn dat (een deel van) uw verzamelinkomen in een hogere belastingschijf valt. De Belastingdienst houdt alleen rekening met uw totale verzamelinkomen.
Los van elkaar zijn dit allemaal bedragen die in de 1e belastingschijf vallen en wordt dus het laagste belastingtarief berekend bij het uitbetalen. Maar, als u deze bedragen bij elkaar optelt, komt u uit op een verzamelinkomen van € 40.000 bruto per jaar. Het inkomen tot € € 38.883 (als u bent geboren op of na 1-1-1947) wordt in schijf 1a belast (17,85%). Het inkomen daarboven valt in schijf 1b (37,56%), met een hoger belastingtarief dan schijf 1a. Hierdoor moet u meer belasting betalen dan er al is ingehouden door de instanties.
Let op: U heeft dan dus te weinig belasting betaald en krijgt daarom een naheffing van de Belastingdienst. Hiermee betaalt u het verschil alsnog.
Meer informatie over de verschillende schijven vindt u op de website van de Belastingdienst.
U kunt bij de Belastingdienst een voorlopige aanslag aanvragen. Hiermee ziet u of u belasting moet bijbetalen en kunt u dat ook meteen al doen. Op die manier wordt u niet verrast met een (groot) bedrag dat u in een keer aan de Belastingdienst moet terugbetalen. U vraagt de voorlopige aanslag aan op de website van de Belastingdienst.
Loonheffingskorting is een korting die u krijgt op de loonbelasting. Deze korting zorgt ervoor dat u minder loonheffing (belasting) hoeft te betalen over uw inkomen. Voorbeelden van inkomen zijn uw salaris, pensioen of uitkering. Past u de loonheffingskorting toe op uw pensioen? Dan krijgt u maandelijks netto meer pensioen.
De hoogte van de loonheffingskorting hangt af van uw totale inkomen. Over het algemeen geldt: hoe hoger uw inkomen is, hoe lager de korting is die u krijgt. Vanaf een bepaald bedrag ontvangt u geen loonheffingskorting meer. Dit bedrag wordt elk jaar bepaald door de Belastingdienst.
Ouderenkorting is een korting van € 2.067 op de inkomstenbelasting, waardoor u dus minder belasting hoeft te betalen. U heeft hier recht op als u de AOW-leeftijd heeft, op 31 december van het jaar waarover u belastingaangifte doet. Uw inkomen moet ook lager zijn dan € 46.002 bruto per jaar (in 2026).
Ligt uw verzamelinkomen in 2026 boven € 46.002 maar onder € 59.782? Dan ontvangt u in 2026 minder ouderenkorting en in sommige gevallen niets. Ligt uw verzamelinkomen boven € 59.782 dan ontvangt u geen ouderenkorting.
De korting wordt automatisch toegepast als u belastingaangifte doet. Lees meer over ouderenkorting op de website van de Belastingdienst.