Rekenvoorbeeld over bijdrage Zvw

In de maand juni en mogelijk ook in de volgende maanden betaalt u een hoger bedrag aan de bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (bijdrage Zvw). De bijdrage Zvw is hoger door het vakantiegeld. In het rekenvoorbeeld op deze pagina leggen we uit hoe dat werkt.

Rekenvoorbeeld over vakantiegeld en bijdrage Zvw

De heer De Vries ontvangt van PFZW een pensioen van € 5.900 bruto per maand. De bijdrage Zvw is in 2026 4,85% van zijn bruto pensioen. Elke maand betaalt hij voor zijn bijdrage Zvw: € 6.200 x 4,85% = € 300,70.

Op het pensioen van juni 2026 betaalt hij meer bijdrage Zvw. Dit komt door het volgende:

  • Vakantiegeld
    In mei 2026 krijgt de heer De Vries vakantiegeld: € 5.952 bruto. De bijdrage Zvw die PFZW daarop zou moeten inhouden is € 5.952 x 4,85% = € 288,67. Dit komt bovenop de maandelijkse bijdrage Zvw van € 300,70. In totaal moet de heer De Vries in mei 2026 dus eigenlijk € 589,37 bijdrage Zvw betalen (€ 300,70 + € 288,67). Maar de Belastingdienst heeft bepaald dat er in 2026 per maand niet meer dan € 320,94 mag worden ingehouden (per jaar is dit € 3.851,34 (2026).

  • Ingehouden bijdrage Zvw
    Van januari tot en met mei 2026 is er steeds € 300,70 aan bijdrage Zvw ingehouden. Dit is € 20,24 minder dan het maximum. In totaal bleef er over die 5 maanden nog een ruimte over van 5 x € 20,24 = € 101,20. Het bedrag dat we nog niet gebruikt hebben in de periode januari 2026 tot en met mei 2026 mogen wij op het vakantiegeld inhouden. Daarom betaalt de heer De Vries over het vakantiegeld € 101,20 bijdrage Zvw. Dan blijft er nog € 288,67 - € 101,20 = € 187,47 over.
  • Inhalen van niet ingehouden bijdrage Zvw
    De niet ingehouden Zvw op het vakantiegeld moet ingehaald worden over de maanden vanaf juni 2026. Hierdoor betaalt de heer De Vries de rest van het jaar elke maand de maximale bijdrage Zvw van € 320,94 per maand. Het gaat in totaal om 7 maanden, dus 7 x € 20,24 = € 141,68. Het restant van € 288,67 - € 141,68 = € 146,99 hoeft hij niet te betalen.