8 Feiten over het nieuwe pensioen

19-01-2026 | PFZW is op 1 januari overgestapt naar de nieuwe pensioenregeling. We zijn ervan overtuigd dat die nieuwe pensioenregeling een verbetering is. Toch horen we dat er nog zorgen, vragen en misverstanden leven bij sommige deelnemers en gepensioneerden. We zetten daarom de belangrijkste feiten kort op een rijtje. 

1. Waarom veranderen wat goed is?

We hebben in Nederland een van de beste pensioenstelsels ter wereld. Het is zo goed, omdat we het steeds wanneer het nodig was, hebben aangepast aan veranderende omstandigheden. Voor zo’n aanpassing was het ook nu weer tijd. Want de wereld is veranderd. We leven langer en werken flexibeler. Ook konden de pensioenen soms niet of nauwelijks meegroeien met de stijgende prijzen van levensonderhoud, terwijl het wel goed ging met de economie. Het nieuwe pensioenstelsel (gebaseerd op de Wet toekomst pensioenen) past beter bij de moderne arbeidsmarkt, is eerlijker voor de verschillende generaties én maakt het makkelijker om de pensioenen te laten meegroeien met de economie.

2. Ook het oude pensioen was niet gegarandeerd

Lange tijd was de gedachte in Nederland dat niets in het leven zeker is, behalve je pensioen. Maar die zekerheid heeft nooit echt bestaan. Want pensioen was altijd al een optelsom van de premie (die je samen met je werkgever betaalt) en het rendement dat we halen door je premie te beleggen. Veruit het grootste deel van de pensioenen (zo’n 2/3) betalen we uit het rendement.

Gaat het slecht met de economie of was de rente heel laag? Dan konden de pensioenen in de oude pensioenregeling niet meegroeien met de stijgende prijzen. In heel slechte tijden konden de pensioenen zelfs omlaag. Geen garanties dus. Dat was zo, en dat blijft zo.

3. Pensioenuitkeringen nu beter beschermd

Rotsvaste garanties bestaan niet. Niet in de oude pensioenregeling. En ook niet in de nieuwe pensioenregeling. Maar: in de nieuwe regeling zijn de pensioeninkomens van gepensioneerden beter beschermd. Dus, in tegenstelling tot wat je vaak hoort: de kans dat je pensioeninkomen nu daalt als het slecht gaat met de economie, wordt kleiner in plaats van groter. Dat komt omdat we in de nieuwe regeling een speciaal reservepotje hebben dat we inzetten voor de bescherming van gepensioneerden. De komende paar jaar is de kans op een verlaging van de pensioenen zelfs zo goed als nul. Want ook als het de komende jaren heel erg slecht gaat met de economie, zijn de pensioenen goed beschermd. Dat hebben vakbonden en werkgevers zo afgesproken.

4. Je persoonlijke pensioenvermogen kan niet opraken

Iedereen heeft nu een persoonlijk pensioenvermogen. Bij de tweede berekening die je tussen half maart en half mei ontvangt, informeren we iedereen die nog niet met pensioen is over de hoogte van het persoonlijke pensioenvermogen. Uitkeringsgerechtigden krijgen met die tweede berekening inzicht in hun nieuwe pensioeninkomen. Voortaan ziet iedereen die nog pensioen opbouwt  precies wat je samen met je werkgever aan premie inlegt, en wat wij er voor je bijverdienen door je inleg te beleggen.

Maar 'een persoonlijk vermogen, kan dat niet opraken als ik heel oud word?', vragen veel mensen zich af. Die mensen kunnen we geruststellen: je krijgt een pensioen zolang je leeft. Ook al word je 120 jaar oud. Net als nu zijn we solidair met elkaar. Zo zorgen we er samen voor dat ook wie héél oud wordt, gewoon elke maand pensioen krijgt.

5. Hoe dichter bij je pensioen, hoe meer zekerheid

Je pensioen is een optelsom van premie en beleggingsrendement. Maar je pensioen gaat niet één-op-één meebewegen met de beurskoersen.

  1. We passen de pensioeninkomens en andere uitkeringen maar één keer per jaar aan. 
  2. We beleggen niet alleen in aandelen, maar ook in hypotheken, staatsleningen, vastgoed en infrastructuur. Zo spreiden we het risico van beleggen.
  3. We gaan slim om met beleggingsrisico's. Dit doen we door te zorgen dat jongeren wat meer risico lopen dan ouderen. Zo kan het pensioenvermogen van jongeren zo goed mogelijk groeien. Wel schommelt het vermogen, en daarmee ook het verwachte pensioen, van jongere deelnemers daardoor wat meer. Maar vanaf het moment dat je 50 jaar bent, gaan we stapje voor stapje voorzichtiger beleggen. Zo krijg je op weg naar je pensioen steeds meer duidelijkheid over wat je aan pensioen kunt verwachten. 
  4. Wie eenmaal met pensioen is, beschermen we nog eens extra. Dat doen we met een speciaal reservepotje voor pensioengerechtigden.

6. Samen staan we sterk

Pensioenfondsen zijn samenwerkingsverbanden. Iedereen legt geld in, jong en oud. En samen delen we de belangrijkste risico’s, zoals slechte beursjaren. We delen ook de kosten samen. Zo houden we de kosten laag. En elke euro die niet op gaat aan kosten, kan naar pensioen. Om samen de risico’s en kosten te kunnen blijven delen, zijn we samen overgegaan naar de nieuwe pensioenregeling. Zo blijven we solidair en blijven we samen sterk.

7. Een hoger verwacht pensioen

In de nieuwe pensioenregeling vertellen we duidelijker dat de hoogte van je pensioen niet vaststaat. Ieder jaar kan het een beetje omhoog, of in hele slechte tijden ook omlaaggaan. Omdat we daar duidelijker over zijn, hoeven we minder reserves aan te houden. Die reserves kunnen we dus voor een groot deel uitkeren. Dat betekent dat de pensioenuitkeringen van gepensioneerden in 2026 eenmalig (maar structureel) flink omhoog kunnen. De jaren erna bepalen we de pensioeninkomens door de beleggingsresultaten over meerdere jaren uit te smeren.

Elk jaar kijken we wat het rendement is van 1 oktober tot 30 september. Een derde van dat rendement (positief of negatief) verrekenen we met de pensioenen van het jaar daarop. De rest van het rendement zetten we apart. Het jaar daarop doen we hetzelfde, én doen we daarbovenop een derde van wat er nog apart staat. Zo gaat het jaar op jaar. In de eerste jaren na de overstap betekent dat een kleinere aanpassing van de pensioenen, omdat we nog niet veel rendement apart hebben gezet. In de jaren daarna komt de jaarlijkse aanpassing steeds dichter in de buurt van het gemiddelde rendement over de achterliggende jaren. Zo zorgen we voor stabielere pensioenen.

Ook de meeste mensen die nog niet met pensioen zijn, kunnen een hoger verwacht pensioen tegemoet zien. In de periode tussen maart en mei 2026 laten we iedereen persoonlijk weten wat de nieuwe regeling in euro's precies gaat betekenen.

8. Keuzevrijheid blijft

De keuzemogelijkheden uit de oude regeling blijven allemaal bestaan. Dus ook nu kun je nog steeds zelf kiezen of je eerder of later met pensioen wilt. Dat kan in de nieuwe regeling zelfs al vanaf tien jaar vóór je AOW-datum. En wil je wel of geen pensioen voor je partner als je overlijdt? Wil je met deeltijdpensioen? Wil je eerst een paar jaar een hoger pensioen en daarna een lagere uitkering? Of juist andersom? Het kan allemaal. Zo zorg je zelf voor een pensioen dat past bij jouw situatie en jouw wensen.

Nieuws

Blijf op de hoogte van de actuele ontwikkelingen rondom pensioen.

Meer nieuws lezen