mijn verhaal
‘In zijn laatste dagen was alleen zijn hand vasthouden al genoeg’
Berthe* (57) werkt in de palliatieve zorg met aanraking, geur en muziek. Zo maakt ze contact met mensen voor wie woorden steeds minder vanzelfsprekend zijn. Eén cliënt is haar altijd bijgebleven.
‘Het verhaal dat mij diep heeft geraakt is dat van een Portugese man. Hij woonde al een tijdje in Nederland, terwijl zijn familie over de hele wereld verspreid was. Door Korsakov en dementie kwam hij in een verpleeghuis terecht. Daardoor kon hij nauwelijks duidelijk maken wat hij wilde of nodig had. In het eerste halfjaar kwam er sporadisch een vriend op bezoek. In zijn laatste levensjaar was ik de enige die nog langskwam. Contact maken was voor hem moeilijk. Als medewerkers hem wilde helpen, werd hij soms boos. Tegelijkertijd kon hij ook heel zacht en ontwapenend zijn.’
Een soort verbinding
‘Ons eerste contact was via een handmassage. Op het moment dat ik zijn hand pakte, ontstond er iets. Een soort verbinding. Hij ontspande en zijn blik werd zachter. Eerst hadden we vooral via onze handen contact. We konden niet met elkaar praten. Later kwamen daar geur en muziek bij. Als mensen hun woorden verliezen, probeer ik op die manier toch verbinding te maken. Zonder te praten liet hij door kleine signalen zien wat hij mooi of fijn vond. Het is de kunst om die signalen op te vangen. “Als jij er bent, wordt hij rustig”, vertelde een collega. Ik was zijn enige bezoek. We gingen regelmatig naar buiten: wandelen, samen stilstaan bij een mooie boom of vanaf een bankje naar mensen kijken en samen een banaan eten. Daar genoot hij zó van.’
Waarom voelde ik me altijd anders?
Janneke* (46) paste zich jarenlang aan en bleef maar doorgaan. Tot haar lichaam zei: stop. Na haar autismediagnose ontdekte ze wat wél bij haar past.
Lees het verhaal van JannekeZonder te praten, met kleine signalen, liet hij zien wat hij fijn vond
Laatste fase
‘Hij ging in 2 jaar tijd langzaam achteruit. In de laatste weken wilde hij niet meer eten. Uiteindelijk kwam hij in een rolstoel terecht. Ons laatste uitje was naar zee. Toen het echt slechter ging, mocht ik elke dag even langskomen. Soms hield ik alleen zijn hand vast en luisterden we samen muziek. Hij hield van Portugese fado’s. Aan zijn houding zag ik welke muziek hem raakte. Die nummers zette ik op zijn afspeellijst.’
Het afscheid
‘Toen het einde naderde, bleek dat niemand wist waar zijn familie was. Ik kreeg een telefoontje: “Denk je dat hij liever begraven of gecremeerd wil worden?” Er waren geen telefoonnummers en vanuit het systeem werd niet naar familie gezocht. Ik vroeg of ik dat mocht doen. Op Facebook tikte ik zijn achternaam in. Binnen 2 dagen had ik via een nichtje contact met zijn zus.
Zijn familie is naar Nederland gekomen. Ze waren heel dankbaar dat ze nog afscheid konden nemen. Ik heb geholpen zijn afscheid te regelen. Met foto’s en natuurlijk zijn lievelingsmuziek. Van het verpleeghuis waren er 9 mensen bij. Ik ben blij dat zijn lijden voorbij is, maar ik mis hem enorm. Sommige mensen blijven bij je. Hij is er zo een.’
*Berthe is niet haar echte naam, die is bij de redactie bekend.