Achtergrond
Om het leven van cliënten iets fijner te maken, zet je vaak een stapje extra. Soms buiten werktijd of naast je normale taken. Dat is meestal niet erg, want anderen helpen doe je graag. Je werkt bijvoorbeeld iets langer door om een cliënt te troosten, organiseert spontaan een spelletjesmiddag of verrast iemand met zijn of haar favoriete maaltijd. Een klein gebaar betekent veel. Cliënten waarderen dat enorm en jij haalt meer plezier uit je werk.
Met persoonlijke aandacht maak je een verschil in zorg en welzijn. Bijvoorbeeld in de ouderenzorg, waar eenzaamheid een groot probleem is. Ook oncologie- en hematologieverpleegkundige Mandy doet meer dan zorg verlenen. ‘Zo hadden we een patiënt die nog 1 keer zijn hond wilde zien. We hebben toen in overleg met infectiepreventie de hond toch naar de afdeling laten komen. Dat was een heel emotioneel moment’, vertelt Mandy.
Een stapje meer zetten lijkt vanzelfsprekend, want je doet het met liefde. Toch kan het soms ook voelen alsof je geen keuze hebt. Door personeelstekort en de grote hoeveelheid administratie is de werkdruk in zorg en welzijn hoog. Je moet daardoor harder werken. Bovendien bouw je een band op met cliënten en voel je je verantwoordelijk voor hun welzijn. Je geeft dan minder snel je grenzen aan. Voor een ander zorgen geeft voldoening, maar het is belangrijk om ook stil te staan bij je eigen mentale gezondheid.
Werk in de palliatieve zorg kan emotioneel zwaar zijn. Misschien herken je dat wel. Veel medewerkers ervaren burn-outklachten, blijkt uit onderzoek. Je haalt voldoening uit je werk, maar het kan ook zwaar voelen. Bijvoorbeeld als een patiënt veel pijn heeft.
Verpleegkundig specialist Esther werkt in een hospice. Hoe gaat zij om met die emoties? ‘Door ze te delen. Als er een cliënt is overleden, kijken we met het team terug op hoe het proces is gegaan en wat het met ons heeft gedaan. Buiten werktijd is sporten voor mij een uitlaatklep.'
Werken vraagt soms veel van je. Daarom is een goede band met collega’s belangrijk. Samen zorgen doe je niet alleen, maar met elkaar. Let goed op elkaar en bied steun als je merkt dat iemand het zwaar heeft. Vraag hoe het met iemand gaat, neem een taak over of maak samen een lunchwandeling. Om goed voor een ander te zorgen, moet je ook aan jezelf denken. Durf om hulp te vragen, zeg vaker nee en luister naar je lichaam.