interview
Sociaal werker Mat helpt LHBTI+’ers*: ‘Niemand staat er bij ons alleen voor’
Mat Schellekens (29) is sociaal werker bij het Expertisecentrum Seksualiteit Sekswerk en Mensenhandel (ESSM) in de regio Rotterdam. ‘Het is zo gaaf als iemand zijn eigen kracht ontdekt’.
Wat doet het ESSM precies en wat is jouw rol?
‘Het ESSM ondersteunt 4 groepen. Dat zijn mensen die leven met hiv, slachtoffers van mensenhandel, sekswerkers en LHBTI+-personen. Ik begeleid mensen uit die laatste groep, van jong tot oud. Ze hebben bijvoorbeeld vragen over wie ze zijn of op wie ze vallen. De meeste cliënten hebben vragen over hun gender. Ze voelen zich niet thuis bij het geslacht dat ze bij hun geboorte kregen. Ze willen hulp bij hun transitie of bij hun persoonlijke zoektocht. Ik ondersteun hen in deze ontdekkingstocht.’
Wat voor hulp hebben zij nodig?
‘Trans personen zijn heel sterk, maar hebben uitdagingen. Ze lopen rond met vragen als: ‘Hoe vertel ik het aan de mensen in mijn omgeving en hoe gaan zij reageren?’ of ‘Welke naam ga ik gebruiken?’. Een luisterend oor of een veilige ruimte om te ontdekken wie je bent, helpt vaak al enorm. Soms gaan de uitdagingen verder. Voor een transitie heeft iemand soms hormonen of een operatie nodig. Hier moet je vaak jaren op wachten. De wachttijd is mentaal zwaar. En een transitie brengt kosten mee, wat weer voor financiële problemen kan zorgen.’
Hoe ondersteunt ESSM hier concreet bij?
‘Mensen weten ons goed te vinden. Ze kunnen hun verhaal bij ons kwijt. Onze begeleiding is heel persoonlijk. Ik kom bij cliënten thuis of we spreken af in hun buurt. Dan ga ik bijvoorbeeld voor het eerst mee winkelen op de vrouwenafdeling, als een trans vrouw dat spannend vindt. Oudere trans personen hebben weer andere uitdagingen bij hun transitie. Bij ons ontmoeten ze sterke voorbeelden, bijvoorbeeld via supportgroepen, van mensen die hen voorgingen. Voor mentale en financiële problemen werken we samen met wijkteams in Rotterdam en de GGZ. Zo krijgt iedereen persoonlijke hulp en staat niemand er alleen voor.’
Iedereen heeft een mening over het thema LHBTI+
Wat is het lastigst aan je werk?
‘Het thema LHBTI+ ligt gevoelig in de samenleving. Iedereen heeft er een mening over. Je bent voor óf tegen, lijkt het wel. Het komt veel in het nieuws en berichten krijgen veel reacties op social media. Cijfers laten helaas zien dat het steeds onveiliger wordt op straat voor LHBTI+’ers. Onze cliënten krijgen daar ongevraagd mee te maken. Dat zorgt soms voor nare situaties. Ik heb bijvoorbeeld cliënten gehad die thuis geweld ondergingen vanwege hun identiteit.’
Hoe zorg je dat je het werk niet mee naar huis neemt?
‘Aan het begin had ik daar moeite mee. Het hielp toen enorm om over vervelende situaties te praten met collega’s en leidinggevenden. Ook hielpen ze me hoe ik in bepaalde situaties het beste kan handelen. Inmiddels doe ik dit werk 2,5 jaar en weet ik precies waar ik cliënten zelf bij kan helpen, en wanneer ik hulp van anderen moet inschakelen. Ik heb hier al veel geleerd en alles wel een keer meegemaakt.’
Waar haal jij de meeste voldoening uit?
‘Wanneer iemand bij ons komt, maken we samen een plan voor de toekomst. Elke maand beoordelen we dit plan en bespreken we persoonlijke groei en uitdagingen. Zo zie ik hoe iemand zichzelf ontwikkelt en leert kennen. Cliënten durven bij ons hun gedachten uit te spreken. Dat is een belangrijke eerste stap in hun ontwikkeling. Het is heel gaaf om ernaast te staan als iemand zo zijn eigen kracht vindt. Dat is precies waarom we dit werk doen en het geeft enorm veel werkgeluk!’
Wat kunnen andere zorgprofessionals leren van jouw werk?
'Inclusieve taal is superbelangrijk, zeker in ons werkveld. Hoe je dingen zegt, maakt een verschil of je vooroordelen bevestigt of juist niet. Vaak heb je dit niet eens door, maar het is wel belangrijk om je daar bewust van te zijn. Daarnaast is het zaak dat zorgprofessionals een omgeving bieden zonder oordelen. Helaas is dat nog niet overal zo. We zien dat de drempel naar zorg en ondersteuning voor onze doelgroepen vaak hoog is.’